Een nieuwe start, onderweg naar een zelfvoorzienend (blog)

Hallo allemaal, mijn naam is Dani. Ik ben een Nederlandse vrouw die stapelverliefd werd op een Hongaarse man en nu met hem samenwoont in een huisje in een vriendelijk dorp.

Taalproblemen? Absoluut! De gemiddelde Hongaar spreekt Hongaars en verder niks. Zo ook mijn vriend. Drie woorden Engels, twee woorden Duits, een gedicht in het Russisch en vaak het zwoel uitgesproken, en met zwaar accent “L’amour”. En daar sta ik dan met mijn Frans, Duits, Engels en vloeiend Nederlands… Heeft geen enkel nut hier en ik voel me dan soms ook alsof ik op een andere planeet ben aangekomen. Het voordeel is dat je lastig ruzie kunt maken en we allebei niet de rotste zijn om ons wild te lachen om de taalverwarringen.

Kijkt men in Nederland zuur naar buitenlanders die de taal niet (goed genoeg) machtig zijn, hier is men behulpzaam, begripvol en vriendelijk. Nooit te beroerd mij een nieuw woord te leren en altijd geduldig om mijn gehaspel en gestamelde woordjes aan te horen en te proberen om het te begrijpen. Natuurlijk zijn er genoeg bij die denken dat er iets mis is met mijn oren en dan heel hard gaan praten. Als ik dan lachend terug brul dat er niet mis is met mijn oren maar met de taal snappen ze het soms nog niet helemaal. Dat is wat je krijgt als je nog nooit meegemaakt hebt dat iemand jouw taal niet machtig is. Ik lach dus wat af!

Mijn lief, een vreselijk lieve man, is geen rijke man. Hij werkt lange dagen en vaak 6 dagen per week met ook nog een lange reistijd. Zo is hij vaak 14 uur per dag van huis. Hij werkt op een tomcat en schept zo zand voor wegenbouw etc. Vaak genoeg schept hij ook urenlang zand met een schep. Dat geeft hem dan ook een brede rug en echte eeltige mannenhanden. Verdienen doet hij niet veel maar in een land als Hongarije mag je al blij zijn dat je een baan hebt. Je kunt niet even, zoals in Nederland zo vaak gebeurd, even een snipperdag nemen want voor jou 10 anderen.

Hij, Gábor, heeft een huis dat niet voldoet aan de Nederlandse minimum eisen, zeg maar. Zo hebben we geen water in huis omdat de waterleiding eens gebarsten is tijdens strenge vorst. Maar geen nood, verderop in de straat staat een blauwe waterpomp van de gemeente en daar kunnen we gratis schoon water halen. Elke paar dagen zeul ik dus een oud karretje waarop een flinke emmer en een vat staan, naar de pomp en vul ze. Dan sleur ik de kar weer terug en hebben we zo’n 80 liter water binnen handbereik. Er staat een waterput in de tuin maar door taalproblemen en een online vertaler die er een potje van maakt heb ik geen idee wat daar mis mee is.

We hebben dus geen douche, niet alleen omdat er geen water is, er is gewoon geen doucheruimte en geen afvoer. Net zoals er geen aanrecht met wasbak is. En zelfs geen gewoon toilet. We hebben een gieter die we in de ochtend vullen met water uit het vat en dan lekker in de zon zetten om op te warmen. Desnoods vullen we aan met wat kokend water. In de keuken staat er een elektrisch pitje om op te koken, gewoon op een oude tafel. We hebben wel een koelkast en een grote vrieskast gelukkig. Afwassen doe ik in een teiltje, zittend op het trapje bij de voordeur als het lekker weer is en de was doe ik zoals “den Nederlandsche huysvrouw” dat deed in 1800. Met de hand dus. De kookwas, zoals handdoeken, theedoeken en beddengoed, kook ik echt in een grote pan op een open vuur in de tuin. Onder de walnotenboom.

En het toilet? Tja… Voor sommigen een gruwel misschien maar dat is gewoon een buitenhuisje halverwege de tuin. Zo een met een klein gaatje in de houten deur. Een poepdoos wordt het ook wel genoemd. Niks doortrekken, gewoon poepen, afvegen en klaar. Ondertussen ben ik gewend aan de lucht die er vanuit de diepte opstijgt. Daar ligt van jaren poep. En pies… En papier… Maar met de deur op een kier zit ik er prinsheerlijk met uitzicht op de druivenranken in de tuin. Dat is beter dan glanzende witte tegeltjes, vind ik. Nu de herfst nadert wordt het wel wat killer in de nacht. Ik heb dan ook een hele dikke badjas gekocht bij een tweedehandswinkel. Die, over mijn flanellen pyjama heen, zal mij voorlopig nog wel warm houden tijdens frisse wandelingen naar de plee.

SAMSUNG CAMERA PICTURES

Dit is het toilet. Een oud lemen hokje met houten poepdoos. Voor het mooi zou het leuk zijn als het eens overnieuw werd afgesmeerd. Zoals je ziet heeft de moderne tijd hier ook zijn intrede gedaan en reinigen wij onze, ehm… Onderkant! Ja! Reinigen wij onze onderkant na het vegen met een droog stukje wc papier met een vochtig doekje. Heel fris dus om ook even je handen mee te “wassen” na het afvegen. We zijn geen barbaren tenslotte. Het plan, of beter gezegd: mijn plan, om geen wc papier meer te kopen maar gebruik te gaan maken van katoenen lapjes die dan in een waszak gegooid dienen te worden na gebruik moet nog even wachten tot ik ooit een wasmachine heb. Want om nou wekelijks een pan poepsoep te gaan koken om de lapjes te wassen… Neuh, dat gaat me te ver. Het is dan wel de bedoeling je onderste dan eerst met een paar scheuten water te wassen en het doekje als handdoekje te gebruiken natuurlijk maar ja, hoe netjes wast een ander zijn gat voor er een doekje langs gehaald wordt…? Eerst een wasmachine dus! Want eerlijk is eerlijk, wassen op de hand is zwaar werk en het duurt ook erg lang. Genoeg vieze praatjes!

In de tuin is ruimte genoeg voor een flinke moestuin en er staan nog hokken voor twee varkens, veel kippen en drie geiten. Er staat een grote walnoot, een kleine hazelaar en een rij druivenranken. Er is plek zat voor een paar katten en een schaap. Maar met de winter in aantocht laat ik dat allemaal even varen. In het voorjaar maar eens kijken wat ik aan wil gaan pakken. Eerst het huis een beetje leefbaarder maken. Want dat we geen waterleiding hebben wil niet zeggen dat er geen stromend water is. Wanneer het hard regent giet het binnen en rennen we met pannen, teilen en emmers heen en weer en moppen we als gekken. Ik heb dus maar een bus purschuim gekocht en de bedoeling is dat we vandaag samen de zolder opgaan om gaten dicht te spuiten in de hoop dat de regen volgende week de keukenvloer niet bereikt.

Zelfvoorzienend? Nou, nog echt niet dus… De walnoten die ik geraapt hebt tot nu toe gaan ons deze winter nog niet in leven houden. De winkel wel. En mijn lieve schoonouders helpen enorm. Ze geven regelmatig een flinke homp geweldig goed vlees van hun eigen dieren die ze zelf groot gebracht en geslacht hebben. Geiten en varkensvlees, eieren, pruimen, eindeloos veel appels en druiven, abrikozen, aardappels, uien, knoflook en kool. Ik kom om in de goede giften! Allemaal uit hun eigen tuin en helemaal biologisch. De schillen die ik hier bewaar gaan weer naar de dieren en zo is het cirkeltje weer rond.

In de voorraadkamer ligt nog een paar kilo bietjes op verwerking te wachten en vanavond eten we pasta met ham. Jawel een ham gekregen, een lekkere vette gerookte ham! Hebben mijn schoonouders zelf gemaakt, vinden ze heel gewoon. Prachtig vlees!

Vermaak is er nauwelijks in het dorp. Er is een kroeg waar voornamelijk kerels komen met een enorme dorst, het bier is hier dan ook erg goedkoop en van prima kwaliteit. Wij vermaken ons door in de avond met een peukje en een glaasje sap, fris of biertje op het stoepje te zitten en ons te vergapen aan de melkweg recht boven ons hoofd. Als we dan ook nog steeds in de lach schieten door de bizarre geluiden (burlen) van langstrekkende herten of stil luisteren naar het gejammer van jakhalzen dan zijn we perfect gelukkig met elkaar, het leven en de wereld. Onlangs heb ik twee keer een wolf van dichtbij gezien en dat was magisch en opwindend. Beren zitten hier ook, in de bossen. Er zijn flyers verstuurd om mensen te waarschuwen geen etenswaren buiten te laten slingeren want alles wat lekker ruikt kan beren aantrekken. Ik hoop maar dat ze de poepdoos niet als snoepwinkel zien…

Volgend jaar krijg ik het drukker dan nu. Dan wil ik een moestuin aan gaan leggen in de woestenij, beesten houden, slachten, oogsten, wecken, inmaken, versappen, drogen, fermenteren, invriezen… Ik ben dus onderweg naar een redelijk zelfvoorzienend leven. Eerst komende week eens proberen of het oude houtfornuis het goed doet. Zo’n ding kan blijkbaar ook kapot gaan. En dan hout bestellen om te stoken. Wat lijkt me dat heerlijk, een warme keuken vol lekkere etensgeuren als je van het koude buiten komt.

Gábor gaat komende week een mannetje bellen om de waterleiding te repareren, dan hebben we in elk geval water in de tuin. Om een aanrecht te laten installeren met waterleiding en afvoer is misschien teveel gevraagd. In de zogenaamde zomerkeuken is in elk geval een wastafel met afvoer dus ik denk dat daar de wasmachine ooit komt te staan. Een luxe die in Nederland zo gewoon is is nu een droom geworden. En dat is eigenlijk wel fijn, als je geen dromen meer hebt ziet de toekomst er grauw uit. Weer even met de voetjes op de vloer, back to the basics. En… Geen Nederlandse tv. Niet dat ik Hongaarse tv kijk hoor, snap er de ballen van! Maar geen gemekker over politiek en hoe slecht alles wel niet is aanhoren maakt je veel tevredener. Ik heb geen idee meer wat er gebeurd in de wereld. Geen nieuws, geen krant en online volg ik ook niets dat met nieuws te maken heeft. En dat geeft heel veel rust. Als het oorlog is dan merk ik het wel denk ik dan.

Dit was mijn verhaal. Ik brei er een eind aan want ik zit nog steeds in mijn flanellen pyjama en de was moet gedaan worden, ik moet water halen met het karretje, de afwas wacht, er moet gekookt worden en opgeruimd. Oh ja, en de bietjes moeten verwerkt worden…. Druk druk druk!

 

Advertenties